Een grote week geleden mocht ik mijn fiets gaan ophalen bij Fiets! en ik ben na een  paar ritten al helemaal verknocht aan dat ding. Blijkbaar hoe meer je gaat fietsen, hoe verslavender het wordt om de volgende rit een beetje de grens te verleggen en op die manier gestaag de conditie op te bouwen.

De eerste rit

De eerste rit was er eentje van 13 kilometer en was vooral bedoeld om de fiets te leren kennen en aftasten hoe mijn lijf reageert op beweging. Met een gemiddelde snelheid van 21km/u reden we van Gentbrugge naar Heusden langs de Schelde en terug. Niet veel soeps, dus klaar voor het echte werk.

Blijven gaan!

Rit 2. Na een zware dag en een paar trouwfeesten vorig weekend had ik het fietsen uitgesteld tot een uur of 7 ’s avonds. Het was al een ganse dag lichtjes aan het regenen en volgens buienradar zou het rond 7 uur  droog zijn. Niet dus. Nu, het was lichtjes aan het regenen dus ik was van de veronderstelling dat het wel ging meevallen en dat het ideaal was voor een hooikoortslijder zoals ik. Ik ging deze keer voor de 20 kilometer, wat mij zeker te doen leek en door de regen zou ik gemakkelijker kunnen ademhalen. Halverwege begon het héél hard te regenen en aangezien ik al halverwege was zou ik sowieso doorweekt thuis komen. We staken een tandje bij en de gemiddelde snelheid van de rit lag dan ook al meteen iets hoger. De hartpatiënt was wel blij bij het thuiskomen want van het hart geen last. Geen steken, geen hartkloppingen, niets. Hoera!

Duurtraining

Een paar dagen geleden kwam ik toevallig op een trainingsschema om 100 kilometer te fietsen op 12 weken tijd. Ik kan nog niet goed inschatten of dit realistisch is, maar ik kan maar proberen en kijken waar mijn grens ligt. De eerste training was een duurtraining waarbij je 75 à 120 minuten op een rustig tempo moet fietsen. Ik sprong gisteren op de fiets met de training in het achterhoofd en nam me voor om 45 minuten te fietsen en op de 45ste minuut te draaien. De eerste 10 minuten van de rit waren rampzalig, ik had wind tegen en vloekte als een ketter. Ik dacht aan stoppen en terug te keren, maar de wind ging gaan liggen. Althans, dat dacht ik.. Ik kreeg meewind zonder dat ik het goed besefte. De 45 minuten waren zo om, ik stopte even om een powerbar te eten en water te drinken en vertrok richting huis. En toen begon het afzien pas. TEGENWIND. En niet een klein beetje tegenwind, maar een tegenwind om u tegen te zeggen. Ongeveer 15 kilometer fietsen met een wind dat zijn best deed om u van de weg te blazen. Geen lachertje, maar op een lage versnelling lukte het. Geen al te leuke rit als je het mij vraagt, maar ik voelde mij wel goed na de rit.

“Naar de andere kant fietsen ging beter hé!” – Eenzame mede-wielertoerist

Zondag fietsdag.

Vandaag, moederdag, besloot ik om met de fiets naar Waarschoot te fietsen. Gentbrugge – Waarschoot is ongeveer 20 kilometer en met een rustpauze van een paar uur leek mij dat haalbaar om 40 km te fietsen aan een rustig tempo. De kilometerteller stond bij het thuiskomen uiteindelijk op 48km en ik voel het vooral in de benen en ik moet meer leren drinken onderweg. Die gewoonte zit er momenteel nog niet in. 🙂

Stand na 10 dagen met de fiets: 139 kilometer gefietst.